‘In Memoriam’ in Stadsarchief Amsterdam


28-02-2012 door jannemarie, rubriek: blog Fotografie & Film Various, trefwoord:

Swaab, Herzberger, Groenteman, Cohen, Levi, Michaëlis, Wallage, van Praag, Philips, Frank, Pais, Polak, de Winter, Heertje, Israëls, de Hond, den Hartog, Pinto, Hillesum, Abrahams, van Thijn, Presser, Weinreb, Bromet, de la Parra, Koekoek, Fresco. Namen die in ons nationale geheugen gegrift staan, omdat ze bekende politici, filmers, schrijvers, kunstenaars, journalisten, schilders, wetenschappers en ondernemers vertegenwoordigen.

Namen ook die hoorden bij de bijna 18.000 Joodse, Roma en Sinti kinderen die tijdens de Tweede Wereldoorlog uit Nederland zijn gedeporteerd en vermoord in de concentratiekampen. Ik las ze op de tentoonstelling ‘In memoriam’ in het Stadsarchief Amsterdam. In de centrale hal hangen op vier indrukwekkend lange expositietafels – in totaal 70 meter! – aan weerszijden foto’s van 2900 kinderen die tijdens de 102 transporten – de eerste was op 15 juli 1942 en de laatste op 13 september 1944 – weggevoerd zijn naar o.a. Westerbork, Auschwitz en Sobibor. Bij iedere foto staat de naam, geboortedatum en geboorteplaats, en datum en plaats van sterven genoemd.

De tentoonstelling is gebaseerd op het boek In Memoriam, de gedeporteerde en vermoorde Joodse, Roma en Sinti kinderen, 1942 – 1945. Guus Luijters heeft de personalia van de 17.964 kinderen bijeengebracht; Aline Pennewaard heeft via jarenlange speurtocht een groot deel van de foto’s verzameld. Sinds de opening van de tentoonstelling – 10 februari jl. – zijn al talloze nieuwe foto’s en voorwerpen van de verdwenen kinderen door bezoekers meegebracht en in een aparte vitrine gelegd, aldus een medewerkster. Zij zijn speciaal voor deze expositie getraind en ingezet om een luisterend oor te bieden aan bezoekers, waaronder overlevenden en nabestaanden.

De kinderen op de foto’s komen voornamelijk uit Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht, maar ook uit dorpen in Groningen. Één adres valt me in het bijzonder op: Nieuwe Gracht 92 in Utrecht. In drie transporten – op 15 juli 1942, 2 maart 1943 en 25 februari 1944 – zijn tientallen kinderen (ik tel er 14) weggehaald en vermoord in Auschwitz en Sobibor. Het pand was destijds een Centraal Israëlitisch Weeshuis waar 48 kinderen uit Duitsland verbleven. Hun ouders hadden hen na de Kristallnacht in 1938 op de trein naar Nederland gezet om te redden uit handen van de Duitsers. Slechts enkelen overleefden de oorlog.

De foto’s met bijschriften spreken boekdelen: de uitbundig lachende broertjes Michel en Jacob Adolf van Straten uit Zaltbommel, in driekwart Kuifjebroeken en colbertjes: geboren op 8 februari 1928 en 9 maart 1927 en overleden op 28 mei 1943 in Sobibor. Een foto van een blije baby in een wieg die nooit vrijheid heeft gekend: Rolf Dirk Ullman, geboren op 31 maart 1943 in doorgangskamp Westerbork en op 8 oktober 1944 vermoord in Auschwitz. De tweeling Ite en Joke Presserin met allebei een konijnenknuffel in de hand, op de armen van hun moeder: geboren op 10 maart 1940 in Amsterdam en gestorven op 6 maart 1944 in Auschwitz. En zo gaat de eindeloze reeks foto’s met schijnbaar droge feiten, die staan voor een gruwelijke werkelijkheid, door. Een foto overslaan voelt als respectloos: met gemak breng je dus uren door.

Naast de duizelingwekkende fotoreeks is er een aparte zaal ingericht met verhalen over vijftien kinderen, waaronder Anne Frank, toegelicht aan de hand van tekstbanieren en objecten in vitrines, zoals een rammelaar, een poëziealbum, een rapport, ansichtkaarten, brieven en een geboortekaartje. Op een Gymnasiumrapport uit 23 november 1940 van de van oorsprong Oostenrijkse Heinz Felix Geiringer (12 juli 1926 – Mauthausen, 10 mei 1945) staat getypt: “Maar nu moeten we er wel op aandringen dat hij voor Nederlands nog eens extra tijd en zorg aan dit vak besteedt. Wat (de ‘n’ ontbreekt) wij mogen nu toch eisen dat hij ook dit vak op peil brengt”.

De zogenaamde ‘transportlijsten’ vertegenwoordigen een wereld op zich: in bijna iedere vitrine liggen minitieus met typemachine op alfabetische volgorde ingevulde namenlijsten met geboortedatum en beroep in het Duits erachter. Zo staat op een transportlijst van Westerbork naar Sobibor van 1 juni 1943 onder andere:

Jacques Tailleur 30-3-17 Lumpensortierder
Esther Tailleur-de Leeuw 20-11-17 Typistin
Meyer Tailleur 11-4-78 Ohne
Adele Tailleur-Koopman 22-4-91 Angest.Jr.
Elias Tailleur 6-12-28 Ohne

Het enige kind ‘te zien’ op de expositie zónder foto is Sientje Abram: op ‘haar’ transportlijst staat 23 keer de familienaam ‘Abram’ vermeld. Misschien is haar verhaal zónder foto op deze fototentoonstelling juist zo indrukwekkend, omdat zij de grootste groep kinderen – 15.000 – vertegenwoordigt, waar geen gezicht en verhaal meer van te achterhalen valt…
Hulde daarom aan Guus Luijters, Aline Pennewaard en het Stadsarchief Amsterdam dat ze deze geschiedenis – nog altijd onbevattelijk – ietsje dichterbij hebben gebracht. Opdat we nooit zullen vergeten – voor altijd ‘in memoriam’.

 ‘In Memoriam’, t/m 20 mei 2012 te zien in het Stadsarchief Amsterdam. Toegang gratis.

 

Deel dit bericht:
  • email
  • LinkedIn
  • Twitter
  • Facebook
  • Hyves
  • NuJIJ
  • Google Buzz
  • Google Bookmarks
  • RSS
  • Print
  • Add to favorites

7 Reacties op “‘In Memoriam’ in Stadsarchief Amsterdam”

  1. Lieve Jannemarie,
    Wat een mooi stuk heb je geschreven. Het doet me extra veel want één van die kinderen was een neef van mij. Ik heb foto’s van hem geleverd voor het boek. Het staat samen op de foto met mijn oudste zus. Mijn vader was ook joods en heeft bijna zijn hele familie in de oorlog verloren. Ik ga zeker de tentoonstelling bekijken nu ik je blog heb gelezen.
    Groeten,
    Annelies

    • Jannemarie says:

      Lieve Annelies, Dank voor je reactie, ik word er een beetje stil van; heb jarenlang met je samengewerkt en dit nooit geweten…verborgen geschiedenissen van zoveel mensen! Kan me voorstellen dat deze expositie – zoals voor zovelen – je diep raakt vanwege het drama in je eigen familie. Hoe heette je neef trouwens? Hoor graag van je na het bezoek aan de expo hoe je het hebt ervaren. Tot ziens, Jannemarie

      • Annelies says:

        Mijn neef is, samen met zijn ouders, mijn oom en tante weggevoerd naar Sobibor in 1943. Hij heette Bert Koster.

  2. Ans Bieschoff says:

    Hallo Jannemarie,
    Als trouwe fan van OBA live op vrijdag en jouw blog (bien étonné de se trouver ensemble) heb ik van deze informatie elk woord met aandacht gelezen. De minste verplichting.
    Waar ik woon zijn ook 2 joden weggehaald en naar Lodz getransporteerd. Eindelijk vullen zich de geschiedenissen….
    Dank.

    • Jannemarie says:

      Beste Ans, Dank voor je reactie en fijn dat je trouw lezer van mijn blog bent. Inderdaad goed dat de verhalen over de tweede wereldoorlog en in het bijzonder de deportaties naar de kampen – nu het nog kan – zoveel mogelijk opgetekend worden. Van het Stadsarchief Amsterdam begrijp ik dat inmiddels al 80 nieuwe foto’s sinds de opening van de expositie op 10 februari jl. door bezoekers zijn ingeleverd. Hartelijke groet, Jannemarie

  3. Sanneke says:

    En niet alle kinderen zijn gedeporteerd. Sommigen bleven uit handen van de Duitsers, zoals mijn vader. Mijn bestaan en die van mijn kinderen zijn er omdat moedige mensen zo slim waren mijn vader als kind te helpen met onderduiken.

    Dank voor je uitgebreide verhaal!

    • Jannemarie says:

      Beste Sanneke, En jij bedankt voor je persoonlijke reactie. Inderdaad, gelukkig zijn er ook kinderen geholpen tijdens de bezetting. Hulde aan deze moedige mensen, die daarmee nieuwe generaties mogelijk hebben gemaakt. Hartelijke groet, Jannemarie